December 16, 2018

5.2 Genetica

Geen enkele andere veehouderij heeft technologische verbeteringen zo snel en effectief toegepast als de commerciële pluimvee-industrie. Pluimvee reageert goed op maatregelen gericht op genetische verbeteringen door hun hoge reproductiviteit en korte cycli (kleine generatie intervallen). Bovendien laat de verticaal geïntegreerde structuur van de commerciële pluimveehouderij een wijdverbreide toepassing toe van nieuwe technologieën en beslaat daarmee vaak duizenden boerderijen en grote aantallen hennen. Commerciële leghennen zijn tegenwoordig goed voor zo’n 330 eieren per jaar met een voederconversie verhouding van 2 kilo voer per kilo geproduceerde eieren.

De toename in de productie van pluimveevlees en eieren zijn grotendeels te verklaren door genetische selectie bij het fokken van kippen en de snelle overdracht hiervan aan commercieel gekruiste nakomelingen (McKay, 2008; Hunton, 1990). Ontwikkelingen in de fokkerij zijn grotendeels gebaseerd op de toepassing van kwantitatieve genetische selectie, zonder gebruik te maken van moleculaire technieken.

De gezondheid van de vogels, robuustheid en kwaliteit van het product en de veiligheid zijn gelijktijdig verbeterd met een toename in productiviteit als gevolg van de passende toepassing van voeding, ziektebestrijding, huisvesting- en verwerkingstechnieken. Ziektes kunnen een grote invloed hebben op de efficiëntie. Verbeteringen in de vaccinatie, voeding en hygiëne hebben bijgedragen aan het terugdringen van ziektes. Fokken met als doel een verbeterde resistentie tegen ziektes, met name m.b.v. moleculaire technologieën, zal een belangrijk onderdeel uitmaken van toekomstige genetische programma’s.